 
Wie is Robin Raven?
Ik ben geboren op een stormachtige nacht in Haarlem (17 mei, 1962). Vreemd genoeg herinner ik me daar niets meer van. Na vele omzwervingen ben ik in 1988 in Almere beland en daar woon ik nu nog steeds. Almere is een prachtige stad. Ontstaan uit het niets, waar kom je dat nog tegen? Sommige mensen vinden Almere stom omdat alles nieuw is, maar ik hou daar wel van. Ik werk vier dagen in de week als opleidingsdocent GLV (godsdienstige en levensbeschouwelijke vorming) op de Marnix Academie in Utrecht. De Marnix Academie is een Pabo, dat is een school waar je leert om juf of meester te worden. Lesgeven is prachtig werk. Ik heb alleen een hekel aan vergaderen (gelukkig heb ik mijzelf tijdens een cursus in Tibet de techniek aangeleerd om te slapen met mijn ogen open). Daarnaast ben ik zwerfoudere, verhalenverteller en kinderboekenschrijver.
- Wanneer ben je schrijver geworden?
Ik schrijf mijn hele leven al papiertjes en schriften vol met ideeen, invallen, schetsen en verhaallijnen. Blijkbaar zit er een machine in mijn hoofd die elke indruk van de buitenwereld ogenblikkelijk wil omzetten in iets 'tastbaars'. Niet verder vertellen, maar ik heb ooit - toen ik tot mijn grote schrik geen papier bij me had - een aantal aantekeningen op het behang gezet. Gelukkig kwam mijn moeder er nooit achter.
- Wat doet een schrijver allemaal?
Wachten op elke vrije seconde om je nieuwe gedachten op papier te kunnen zetten! Daarnaast ga ik naar scholen en bibliotheken om over het schrijven te mogen vertellen. 'Vuur maken' noem ik dat. Die bezoekjes zijn altijd een groot feest. Een grote voorstelling! Daarnaast mag je soms ook naar leuke evenementen. In 2008,2009 en 2010 ben ik naar de opening van het Kinderboekenbal in Amsterdam geweest. Helemaal te gek.
Lachen, natuurlijk! Ik droom altijd heel slecht: achtervolgd door woedende kinderen, vallen in een ravijn, gestenigd, enige passagier in een neerstortend vliegtuig, tanden die zo maar uit mijn mond vallen, ontvoerd door een clown. Vreselijk. Ik word altijd zwetend wakker.
- Wie zijn je topschrijvers?
Jacques Vriens en Harry Mulisch. Ik heb Jacques voor het eerst in 2006 ontmoet in Emmen tijdens de kinderboekenweek. Een fantastische man, eerlijk, vol ideeen, geen praatjesmaker. Harry Mulisch heb ik helaas nooit mogen ontmoeten.
Indonesie, Portugal en Turkije
Parijs, Rome, Kaliboekboek (Indonesie) en... Almere!
- Beste gevoel van de wereld?
Zo hard om iets kunnen lachen dat het bijna je leven kost.
Ik heb altijd veel bewondering voor mensen die ingewikkelde dingen simpel uit kunnen leggen.
Ik ben graag binnen (in mezelf) maar buiten doe je de beste ideeen op.
- Wanneer weet je of iets ‘goed’ is?
Dat weet je nooit. Ik heb wel eens verhalen geschreven die ik zelf fantastisch vond, maar toen ik ze naar de uitgeverij bracht, keken ze me aan alsof ik gek was geworden. Schrijven gaat op gevoel. Soms werkt iets goed uit, soms beland je op een dood spoor. Ik probeer in ieder geval iets te beschrijven wat nog nooit (of bijna nooit) is beschreven in kinderboeken. 'Origineel zijn' is het toverwoord maar dat valt niet mee.
- Wat is je favoriete muziek?
Ik ben verslaafd aan The Beatles. Hun (solo) muziek draai ik elke dag. Ik werk ook voor de Beatles fanclub (www.beatlesclub.nl). Ik schrijf recensies voor boeken, cd's en dvd's. Daarnaast mag ik graag luisteren naar Bach, Mozart en Mahler.
- Welk vak deed je niet graag op school?
Knutselen (lijm op je nieuwe broek, verf op je contactlens, schaar in je schouder)
Ik ben geen hobby-man. Laatst heb ik wel geprobeerd een puzzel te maken van een Italiaans kustplaatsje (1000 stukjes), maar van al die stukjes lucht, strand en zee werd ik knetter-agressief. Al dat gepriegel. Toen ik per ongeluk tijdens het stofzuigen een lading stukjes opzoog, heb ik het maar opgegeven. Muziek maken lukt me ook al niet. De laatste keer dat ik op een gitaar speelde kwam de politie langs en werd ik opgesloten in de kerker onder het stadhuis tussen alcoholisten, psychopaten en kinderlokkers.
- Wat is je favoriete sport?
Vroeger was ik heel sportief, ik heb zo'n beetje aan elke denkbare sport gedaan (op boomstamwerpen en accordeons opblazen na). In 2008 ben ik helaas aan mijn rug geopereerd en werd het me streng verboden actief aan sport te doen. Vanaf nu ben ik dus vooral heel behendig met de afstandsbediening.
Wieteke van Dort, omdat ze zoveel heeft betekend voor de Indische gemeenschap in Nederland en omdat ze helemaal naar Almere kwam om mijn eerste boek in ontvangst te nemen. Daarnaast bewonder ik Ernst Jansz (van Doe Maar). Toen hij ooit een try-out gaf, bood ik hem mijn zakdoek aan omdat hij zo zweette. Na afloop heb ik de zakdoek natuurlijk teruggevraagd en ik bewaar hem sindsdien als een relikwie. Tenslotte bewonder ik Paul McCartney. Hij was een van The Beatles. Als ik Paul McCartney ooit nog eens persoonlijk mag ontmoeten, kan ik vredig sterven.
Gemekker, gemopper, gezanik en gezeur. Daarnaast heb ik een hekel aan regen, overvolle treinen, autopech en geen WC kunnen vinden als je op knappen staat.
|